Handelaar in oude bollen

Nijssen tussen de bijzondere bollenrassen.

Nijssen tussen de bijzondere bollenrassen.

Friso Bos
Velserbroek / Limmen

In de Hortus Bulborum in Limmen komt alles samen waar oud-bollenboer Anton Nijssen van houdt: mensen, groen en handel.

De Velserbroeker kweekte bollen totdat de Velserbroekpolder met huizen werd volgebouwd. Hij had 25 jaar een tuincentrum totdat hij moest uitbreiden om bij te blijven.

Nu werkt hij bij de door vrijwilligers gedreven Hortus in Limmen. ,,Dit is het mooiste plekje dat je kunt vinden. In de Noordoostpolder zou zoiets niet kunnen. Hier komt zoveel bollenkennis bij elkaar’’, zegt de man die hier veel van zijn oud-schoolgenoten van de Rijks Middelbare Tuinbouwschool uit Hillegom tegen het lijf liep. De Hortus is een openluchtmuseum vol oude, zo goed als verdwenen bollenrassen die ooit belangrijk zijn geweest. Op de veldjes achter het Nederlands Hervormde Kerkje bloeien onder meer tulpen, narcissen en krokussen in variëteiten die al jaren niet meer worden gekweekt in Nederland. Vorige week ging de tuin weer open.

Stuifmeel

Al die soorten verdwenen voor aantrekkelijkere variaties. Maar het mooie is dat veredelaars nu in Limmen ’oud’ stuifmeel komen halen om mee te kruisen. Want die oude bollenrassen hebben twee grote voordelen: ze overleven zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen. ,,Ze komen er nu achter hoe aantrekkelijk het is als een tulp het vanzelf doet.’’

,,Neem deze Duc of Red’’, vertelt Anton enthousiast. ,,Die komt uit 1595. Je kan nagaan dat die goede genen heeft. Die redt het overal.’’ De 62-jarige vrijwilliger is behalve gastheer en rondleider ook belast met de afdeling historische bollen. De Hortus verkoopt aan particulieren maar levert ook aan ’t Loo, Keukenhof en koninklijke tuinen in Engeland. Vaak gaat het om kostbare soorten van een paar euro per stuk, bestellingen van duizenden bollen zijn geen uitzondering.

Voor deze handel heeft Anton contact met honderden adressen over de hele wereld. Daar zitten clubs tussen die historische tuinen in ere houden. ,,Landgoed Beeckestijn heeft ons bijvoorbeeld ook benaderd.’’ Ook die commerciële kant vindt hij leuk. Net als het contact met mensen. ,,Na het tuincentrum, miste ik mensen om me heen en het praatje. Niet om het praten, maar ik draag graag kennis over. Ik pas mijn verhaal tijdens de rondleidingen altijd aan de groepen aan. Een huisvrouwenvereniging heeft andere interesses dan een gespecialiseerde tuinclub.’’

Gastheer

Vorig jaar begon hij hier. ,,Het zoemde rond dat ik tijd had en ze vroegen me om gastheer te worden. Dit is mijn stiel, moet je zien hoe mooi het hier is’’, zegt Anton’’, die uit een echt bollenkwekersgeslacht stamt. De verkoop van het tuincentrum aan de Rijksweg, zo’n drie jaar terug, was niet makkelijk. ,,Ik had er moeite mee. Gelukkig kon al het personeel aan de slag bij de nieuwe eigenaar Groenrijk Van Duijn.’’ Zelf kocht hij in Zwitserland een motor die precies tien dagen ouder was dan hijzelf. In kisten en zakken arriveerde het vehikel bij hem thuis. ,,Aan die BMW met één cilinder heb ik een hele winter gesleuteld. Dat was goed om mijn hoofd leeg te maken en het allemaal te verwerken.’’

Waarom hij de zaak verkocht?

,,We hadden vergunning gekregen om het bedrijf flink te vergroten. Maar mijn vrouw vroeg: wil je op je 59ste nog wel al die schulden op je hals halen? Toen zijn we na gaan denken.’’

Komt bij dat zijn kinderen geen aspiratie hadden om in de zaak te gaan. ,,Ze hebben alledrie plantjes geplant en kerstbomen verkocht. Maar het trekt ze niet.’’

Meer nieuws uit IJmond

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.