Rugbyclub Haarlem met buitenlanders naar de ereklasse

Tom Turnock: ,,Bij ons in Engeland is het spel agressiever en sneller.’’ Foto United Photos/Toussaint Kluiters

Tom Turnock: ,,Bij ons in Engeland is het spel agressiever en sneller.’’ Foto United Photos/Toussaint Kluiters

Arnold Aarts
Haarlem

Wie in het clubhuis van rugbyclub Haarlem de verkeerde deur opentrekt, staat zomaar in de slaapkamer van de Engelsman Tom Turnock. Of die van de Australiërs Braydon Binnie en Brenton Acreman, twee andere buitenlanders die dit seizoen deel uitmaken van de hoofdmacht.

Het is zeker geen structurele oplossing, haast vicevoorzitter Pepijn van Dijk zich te zeggen, om de drie gastspelers onder te brengen in de kantine. Maar nood breekt - zeer tijdelijk - wet. Turnock, Binnie en Acreman sliepen aanvankelijk in een hotel. Ze zouden daarna bij een bevriende particulier worden ondergebracht, maar die realiseerde zich later dat de drie logés toch een te grote inbreuk op zijn privacy waren.

,,We zijn heel druk bezig een woning te vinden, waarin ze met z’n drieën kunnen verblijven’’, zegt Van Dijk. ,,Dit is een leermomentje voor ons. Het halen van buitenlandse jongens is compleet nieuw voor ons en heeft meer voeten in aarde dan we dachten. Zo zijn we ook nog druk bezig om werk voor ze te vinden.’’

Avontuur

De laatsten die klagen over hun onderkomen, zijn Turnock, Binnie en Acreman zelf. Ze beschouwen een jaar in Nederland als een groot avontuur. Zo zegt de 21-jarige Turnock, afkomstig uit Stoke-on-Trent: ,,Ik ben 21 jaar en ben net klaar met mijn studie aan de universiteit. Dat is het ideale moment om een jaar naar het buitenland te gaan.’’

Turnock was niet bewust op zoek naar een buitenlandse club. Via Facebook zag hij dat RFC Haarlem versterking zocht uit een traditioneel rugbyland. Hij is nu twee maanden hier en het bevalt hem buitengewoon. Zo genoot hij van de Santpoortse Feestweek en Haarlem Jazz, maar vooral van zijn nieuwe club.

Toegewijd

Hij was aangenaam verrast door het relatief hoge niveau van de tweedeklasser. Dat had hij niet verwacht van een land waarin rugby zo’n kleine sport is. ,,En ik vind het mooi om te zien dat zo veel jonge kinderen op deze club rugbyen en dat de coaches zo toegewijd zijn.’’

Turnock speelt niet alleen in het eerste team. Op woensdag en vrijdag traint hij de Benjamins. ,,Dat zijn kinderen van negen en tien. Da’s een mooie leeftijd om ze iets te leren. Hoe jonger ze beginnen, hoe meer je kunt overbrengen. Ik begon zelf toen ik elf was.’’

Agressiever

Maar de belangrijkste taak van Turnock is toch vooral de hoofdmacht naar een hoger niveau te brengen. In Nederland wordt anders gespeeld, is hem opgevallen. ,,Bij ons in Engeland is het spel agressiever en sneller. Dat komt omdat wij met rugby zijn opgegroeid. Bij ons is in de jeugd en op school veel meer tijd om te oefenen.’’

Ook vicevoorzitter Pepijn van Dijk, voormalig ereklassespeler van AAC, heeft ervaren hoe verschillend de drie gastspelers hun sport bedrijven ten opzichte van de ’eigen’ spelers. Terwijl de eerste competitiewedstrijd - zondag tegen The Pickwick Players - nog moet worden gespeeld. ,,Op trainingen zie je dat hun manier van tackelen anders is. Zij gebruiken hun techniek heel goed. Als je niet oppast, lig je zo met een soort ippon op je rug. Dat is niet lekker.’’

Intensiteit

Het vergt aanpassingsvermogen, aldus Van Dijk. ,,Bij de eerste training werd gelijk de toon gezet, de intensiteit was anders. Trainen zoals we vorig seizoen deden, dat gaat niet meer. Dan gaan we het niet redden.’’

Turnock is van plan één seizoen in Haarlem te blijven. Maar het zal de club geen enkele moeite kosten om vervangers uit Engeland te halen, is zijn overtuiging. Vrienden van hem hebben al afgunstig gevraagd of ze ook niet een jaartje op het vasteland kunnen komen rugbyen.

Enthousiasme

Ook bij RFC Haarlem is het enthousiasme over het halen van buitenlanders groot. Het past perfect in de ambitieuze visie van de club, gebundeld in Het Plan 2020. Uiterlijk in dat jaar moet Haarlem terugkeren in de ereklasse.

De sterke en grote jeugdopleiding vraagt om twee promoties de komende jaren, zegt Pepijn van Dijk. ,,Wij zijn hofleverancier van alle nationale jeugdselecties. Maar het kan niet zo zijn dat wij opleiden voor ereklasseclubs. Dan kunnen we beter met onze eigen spelers zelf in de ereklasse gaan spelen.’’

Tweede team

De komst van de drie buitenlanders is overigens ten koste gegaan van Van Dijks eigen positie in de A-selectie. Deels op eigen verzoek gaat hij deel uitmaken van het tweede team. ,,Mede door mijn gezin kan ik niet meer twee keer in de week trainen. Dat betekent dat ik een stapje terug moet doen. Dat is de consequentie van de ambitie die we met z’n allen hebben uitgesproken.’’

Meer nieuws uit Sport

Meest gelezen