Premium

Oorlogsarchief Hoogovens laat zien hoe bedrijf trachtte zijn personeel uit de klauwen van de nazi’s te houden

Oorlogsarchief Hoogovens laat zien hoe bedrijf trachtte zijn personeel uit de klauwen van de nazi’s te houden
Hoogovens probeerde - soms vergeefs - zijn personeel vrij te krijgen.
Beverwijk

Hoogovens, de voorloper van Tata Steel, zorgde goed voor de achterblijvende gezinnen na de razzia van 16 april 1944 waarbij 486 jongemannen als gijzelaar werden weggevoerd door de nazi’s. Ook spande de directie zich succesvol in om een aantal werknemers vrij snel weer op vrije voeten te krijgen.

Daardoor werden deze personeelsleden gered van deportatie naar werkkampen in Duitsland. Na de razzia zijn daar 65 IJmondse gijzelaars om het leven gekomen.

Een en ander is aan het licht gekomen nadat oorlogsonderzoeker Cor Bart van Tata Steel toestemming kreeg om het archief over de oorlogsjaren in te zien. Hij is opgetogen over de schat aan informatie die het archief aan het licht brengt over het lot van de 69 tijdens de oorlog omgekomen Hoogovenarbeiders.

Ook heeft hij tot dusver onbekende informatie aangetroffen over zeker 35 jongens die tijdens de razzia zijn weggevoerd.

De directie van Hoogovens moest op 16 april 1944 met lede ogen toezien hoe 120 werknemers werden weggevoerd tijdens de razzia. Op voorspraak van het bedrijf zijn er na drie weken gevangenschap weer 65 op vrije voeten gesteld. Maar de overige 420 gijzelaars mochten dat niet weten. Zij zaten nog steeds vast om druk op het verzet uit te oefenen om de daders van aanslagen op NSB’ers in de IJmond aan te geven bij de nazi’s.

In een memo aan de directie schrijft een Hoogovenmedewerker: ,,Hedenmiddag met de trein van kwart over twee is een 60-65-tal jongens uit Amersfoort teruggekeerd. De namen werden deze morgen afgeroepen en op een desbetreffende vraag ontvingen zij ten antwoord dat zij naar Scheveningen gingen. Eerst toen zij buiten het kamp waren, bemerkten zij dat zij vrij waren.”

Lees ook: Razzia-gijzelaars laten koffers vol eten en kleding op straat achter tijdens martelgang naar Duitsland

Oranjehotel

Met Scheveningen werd de gevangenis bedoeld, het zogeheten Oranjehotel, waar de Duitsers leden van het verzet gevangen hielden, martelden en ter dood brachten.

De razzia heeft uiteindelijk 65 van de 486 gijzelaars het leven gekost. Ze kwamen in Duitse slavenkampen, ’werkopvoedingskamp’ genaamd, waar ze zich letterlijk dood moesten werken.

De archiefstukken bevatten ook veel informatie van het sociale Wenckebach Fonds, dat in 1926 is opgericht om in nood verkerende Hoogovenarbeiders en hun families financieel te ondersteunen. Zowel het bedrijf als de werknemers storten er geld in. Veel achtergebleven gezinnen waren onthand en zaten zonder geld, nadat de kostwinner tijdens de razzia was weggevoerd naar Kamp Amersfoort. Die families kregen geldelijke ondersteuning met weekbedragen van meestal enkele tientjes.

Meer nieuws uit IJmond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.