Premium

Evacuatie Ramplaankwartier in 1944 moest binnen 48 uur. Mary Nonnekes maakte de ontruiming van Haarlemse woonwijk mee: ’Als een gek een ander adres vinden’ [video]

Evacuatie Ramplaankwartier in 1944 moest binnen 48 uur. Mary Nonnekes maakte de ontruiming van Haarlemse woonwijk mee: ’Als een gek een ander adres vinden’ [video]
Evacuatie Vlaamseweg van bewoners Ramplaankwartier.
© Foto NHA
Haarlem

Ruim 75 jaar geleden woonde Mary Nonnekes met haar ouders en zusje in het Ramplaankwartier. De Haarlemse wijk moest in september 1944 in opdracht van de Duitse bezetter binnen 48 uur worden ontruimd. We bezoeken haar in haar flat aan de Waddenstraat in Haarlem-Schalkwijk. ,,Het is mijn verhaal. Ik heb zo veel herinneringen. Daar hebben jullie misschien wat aan. Anders gaat het verloren.’’

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

Bewoners van Zandvoort en een groot deel van Velsen (vooral IJmuiden) moesten al in december 1942 van de Duitsers noodgedwongen hun huizen verlaten omdat zij in een gebied woonden waar de bezetter ruim schootsveld wilde hebben.

Op 19 september 1944 werd bekendgemaakt dat ook inwoners ten noorden van de Jan Gijzenvaart, ten westen van de Delft én het Ramplaankwartier hun huizen dienden te verlaten. De evacuatie zorgde voor een ware volksverhuizing richting de stad.

Talloze mensen met hun huisraad op handkarren, paarden en kruiwagens moesten de doorlaatposten van de Duitsers passeren. Dat was een betonnen muur die in de volksmond Mauer-muur werd genoemd. Ter hoogte van de Vlaamseweg was zo’n doorlaatpost.

Evacuatie Ramplaankwartier in 1944 moest binnen 48 uur. Mary Nonnekes maakte de ontruiming van Haarlemse woonwijk mee: ’Als een gek een ander adres vinden’ [video]
Mary Nonnekes: ’De huizen in het ontruimde Ramplaankwartier bleven leeg achter, niemand woonde er.’
© Foto United Photos/Toussaint Kluiters

Mary Nonnekes (1937) zit op de bank in haar woonkamer. Het is een donkere periode waarover zij vertelt. Naast haar liggen fotoboeken en wat papieren.

In een blocnote heeft zij de namen van straten in het Ramplaankwartier opgeschreven: Rollandslaan, Ramplaan en de Dickmansstraat, waar zij met haar vader, moeder en zusje Tonny woonde.

,,Ik ben geboren in Amsterdam. Mijn ouders verdienden genoeg en gingen buiten wonen. Mijn moeder wilde geen huis kopen, dus werd het huren. Er waren in april 1940 al een paar blokken gebouwd in de Dickmansstraat-hoek Leendert Meeszstraat. Toen zijn we verhuisd.’’

Op 10 mei brak de oorlog uit. ,,Mijn eerste echte herinnering is dat onze buurman voor de arbeidsinzet wegging. Een andere buurman die bij de PTT werkte, zat in het verzet. Mijn vader ook. Hij werkte bij de bank en had veel joodse kennissen. Hij reed rond met een vals persoonsbewijs.”

,,Andere buren - hij was joods en zij een christenvrouw - moesten ook weg. Hun spullen verstopten we bij ons in de keuken onder de grond. In hun huis kwam meneer Agema. Die was verkeerd. Hij hoorde bij een groep NSB’ers die door heel Haarlem joden verraadde. Later heeft hij bij verstek twaalf jaar gekregen.’’

(Lees hier Haarlems Dagblad van 5 november 1947: Opperluitenant Agema gegrepen. Chef van de Haarlemse ’inlichtingendienst’ hield zich 2,5 jaar schuil)

Tulpentaart

,,Er was niet veel eten in huis. Ik heb ook wel tulpentaart geproefd. Wij hadden fruitbomen, de buren hadden appelbomen en kruisbessen. Dat werd allemaal geruild. In onze straat woonde nog een stel van wie de man ziek was en zij in verwachting. Iedere avond ging er een pannetje eten naartoe. De mensen waren toen heel sociaal. Mijn moeder had veel moedermelk toen mijn zusje in 1943 werd geboren. Er was een jongetje in de Lambrecht van Dalelaan die het niet zou overleven als hij geen moedermelk kreeg. Dus werd er gekolfd.’’

Evacuatie Ramplaankwartier in 1944 moest binnen 48 uur. Mary Nonnekes maakte de ontruiming van Haarlemse woonwijk mee: ’Als een gek een ander adres vinden’ [video]
Bevrijdingsfeest in het Ramplaankwartier, 23, 24 en 25 augustus 1945.
© Privéfoto

,,Mijn ouders hebben nooit geheimzinnig tegen mij gedaan. Ik wist ook waar de radio stond: onderin de linnenkast. Mijn moeder haalde het verzetskrantje op. Dat moest dan worden uitgedeeld. Dat ging zij dan doen. Soms kreeg ik een krant onder mijn hemdje. Ik was nog klein en bracht dat achterom naar mensen op de Leendert Meeszstraat. Wat een toestand eigenlijk.’’

,,Ik heb nog hout gesprokkeld voor het noodkacheltje. Via het koeienpaadje kwam je in Elswout. Mijn moeder ging daar zagen met de buurvrouw. Dan nam ze de kinderwagen mee. Van het veld bij boer Kol tegenover de Leendert Meeszstraat haalden ze groenten. Ik denk wel dat hij het geweten heeft. Ach, de mensen deden zo veel samen en met elkaar.’’

Mary Nonnekes zat net op de Beatrixschool. Die kreeg de naam De Ruyterschool en ging later helemaal dicht. De Duitsers voltooiden de zogeheten Mauer-muur in de eerste maanden van 1944. Toen brak 19 september 1944 aan.

V-1

Op last van de bezetter moesten de inwoners binnen twee keer 24 uur worden geëvacueerd. Het hele Ramplaankwartier werd schootsveld. ,,Je had in Vogelenzang de V-1’s zitten, in het Naaldenveld. Er is een keer een V-1 in Heemstede terechtgekomen. Daarom moesten wij onze wijk ontruimen.’’

Dat bracht de grote volksverhuizing teweeg. Er kwamen in totaal 4.140 woningen leeg te staan. ,,We moesten als een gek een ander adres zien te vinden. Mijn vader kon nog een paard en wagen huren. De meubelen zijn naar mijn opa en oma op de Schoterweg gegaan.’’

(Video: ooggetuigenverslag van Henk Wieringa, die 8 jaar is als de Duiters binnenvallen. In 2010 vertelde hij over de evacuatie van een onder meer het Ramplaankwartier:)

Het gezin vond onderkomen in de Westerhoutstraat. ,,Wij kwamen terecht bij mevrouw Driessen en haar huishoudster. Ik heb nog wel les gehad, in een serre van een huis aan het Oranjeplein, waar onze juf van de Beatrixschool nog kort lesgaf. De huizen in het ontruimde Ramplaankwartier bleven leeg achter. Niemand woonde er.’’

Gefusilleerd

In een laatste poging de oorlogsindustrie op gang te houden, probeerde de bezetter middels razzia’s steeds meer Nederlandse mannen gevangen te nemen en weg te voeren naar Duitsland.

In de morgen van 6 december 1944 viel er huis-aan-huis een mededeling in de bus dat op bevel van de Wehrmacht alle mannen in de leeftijd van 17 tot en met 40 jaar zich voor de arbeidsinzet moesten melden. Ongeveer tweeduizend mannen werden naar Duitsland overgebracht.

Mary Nonnekes maakte als meisje mee dat er op 7 maart 1945 bij de Dreef in Haarlem zestien Nederlanders werden gefusilleerd, onder wie vijf Haarlemmers.

,,Je moest kijken, maar ik heb ze gelukkig niet zien vallen, mijn moeder trok me weg. In de tijd dat we geëvacueerd waren, kwamen de treinen aan op de Westergracht en de Pijlslaan. Daarvandaan gingen de gevangenen op transport in die beestenwagens.’’

Evacuatie Ramplaankwartier in 1944 moest binnen 48 uur. Mary Nonnekes maakte de ontruiming van Haarlemse woonwijk mee: ’Als een gek een ander adres vinden’ [video]
Mary Nonnekes (midden) op de praalwagen, augustus 1945

Haar moeder wilde op een gegeven moment terug naar het Ramplaankwartier. ,,Ze vroeg een attest van de dokter voor mijn gezondheid. De Ortzkommandant zat in hotel Eindenhout. We kregen inderdaad vergunning om terug te gaan. Dat was eind maart of in april 1945.’’

De door de Duitsers ontruimde gebieden bleven tot aan de bevrijding Sperrgebiet. Na 5 mei 1945 konden alle geëvacueerden weer terug naar hun woningen.

Evacuatie Ramplaankwartier in 1944 moest binnen 48 uur. Mary Nonnekes maakte de ontruiming van Haarlemse woonwijk mee: ’Als een gek een ander adres vinden’ [video]
Mary Nonnekes met vader, moeder en tante op het Koeienpaadje.
© Privéfoto

Mary Nonnekes raadpleegt haar blocnote met straatnamen. Op de Rollandslaan woonde hun huisarts, dokter Holthuis. ,,Hij gaf huisconcerten, daar kwam Jo Vincent zingen.’’

Bakker Tullenaar zat er ook. Er was een sigarenwinkel op de hoek van de Croesenstraat. ,,Vlak voor de Vlaamseweg is een slootje. Met de bevrijdingsfeesten waren de kinderen aan het varen met de koekblikken die gedropt waren. Ze deden wedstrijdjes.’’

En op het pleintje op de Ramplaan, waar de Deka nu is, had je een grasveld. ,,Daar werden de moffenmeiden kaalgeschoren. Dat heb ik echt gezien.’’

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.