Premium

Hamsteren en toch naar het strand. Waarom kunnen we ons moeilijk aan de richtlijnen houden? Gedragspsycholoog Frenk van Harreveld legt het uit

Hamsteren en toch naar het strand. Waarom kunnen we ons moeilijk aan de richtlijnen houden? Gedragspsycholoog Frenk van Harreveld legt het uit
Amsterdam

Tegen adviezen en regels van de overheid in, gingen we hamsteren en massaal naar het strand. Waarom kunnen we ons moeilijk aan de richtlijnen houden? Gedragspsycholoog Frenk van Harreveld, hoogleraar sociale cognitie en gedragsbeïnvloeding, van de Universiteit van Amsterdam: ,,Het solidariteitsgevoel wordt steeds meer een probleem.’’

Hoe keek u als gedragspsycholoog naar het nieuws dat het afgelopen weekend druk was op de stranden?

,,Met een dubbel gevoel. Persoonlijk vind ik het enorm frustrerend, dat zeg ik eerlijk. Al die mensen die in de rij bij de viskar stonden, daar word je toch niet goed van? Wat doe je? Die richtlijnen zijn er niets voor niets. Maar als gedragspsycholoog kan ik het begrijpen. Wij mensen kijken altijd naar wat de meerderheid doet. Dus als jij allemaal mensen buiten ziet lopen, dan denk je snel: ’Het valt wel mee, ik kan ook even gaan’. Zelfde geldt voor hamsteren. Je ziet allemaal mensen met rollen wc-papier, dan krijg je snel het gevoel: laat ik ook een extra pak kopen. Dat noem je wisdom of the crowd. ’De meeste mensen zullen het wel weten’. Overigens zie je qua hamstergedrag daar nu een kleine kentering in. We vinden hamsteren bijna allemaal not done en asociaal. Het is inmiddels een beetje gênant om met vijf pakken wc-papier in je winkelwagentje te lopen.’’

Waarom hamsteren we überhaupt?

,,Veel mensen krijgen een zeker gevoel van een goed gevulde voorraadkast. Een soort schijnzekerheid in onzekere tijden. Je hebt geen controle op wat er allemaal kan gebeuren, maar jij hebt in ieder geval genoeg wc-papier voor je familie. Dat gevoel.’’

Hoe kan het dat mensen kennelijk denken: ’Het valt wel mee met het coronavirus?’

,,Dat heeft met de grote psychologische afstand te maken. Zeg maar het ’ver van je bed’-gevoel. Er zijn nu nog weinig mensen die iemand kennen die door het coronavirus op de intensive care ligt of is overleden. Ook denken veel jongeren: ’Voor mij is het niet zo bedreigend, ik ga er niet dood aan’. Het voelt ver weg voor velen. Net zoals klimaatverandering of bijvoorbeeld dierenleed. We vinden het wel erg, maar we willen liever ook ons eigen gedrag niet te veel aanpassen.’’

Hoezo niet?

,,Dat noemen we het sociale dilemma. Een conflict met je eigen belang en het belang van de groep. Vergelijk het met belasting betalen. We willen allemaal goede wegen en vinden het belangrijk dat we daar samen aan bijdragen. Maar het liefst betaal je zelf zo min mogelijk belasting. Veel mensen denken: ik moet toch boodschappen doen. Of: mijn kinderen moeten echt even naar buiten. De overheid doet nu een groot beroep op ons solidariteitsgevoel. De sociale dilemma’s kunnen een groot probleem worden de komende tijd.’’

Hoe kan ervoor gezorgd worden dat we ons wel aan de richtlijnen houden?

,,Duidelijke, heldere communicatie. Je zag dat er ruimte voor interpretatie was voor sommige richtlijnen. Zo werd eerst gezegd: ’je mag naar buiten, maar niet in groepjes’. Nu is die communicatie duidelijker: alle groepen boven de drie personen zijn buiten niet toegestaan. Dan weten mensen waar ze aan toe zijn. Maar het is lastig, we willen graag duidelijkheid van de overheid. Zo krijgen we vertrouwen. Maar de overheid weet simpelweg nog niet alles van het virus. Soms moet de overheid ergens op terugkomen, regels bijstellen. Bijvoorbeeld dat kinderen eerst naar school mochten en nu niet meer. Dat zorgt weer voor onzekerheid. De overheid laat zien: wij weten ook niet alles. Daarnaast denk ik dat beïnvloeding helpt om gedrag aan te passen. Niet alleen van de overheid. BN’ers of influencers die laten zien dat ze thuiszitten en daar het beste van proberen te maken, daar spreek je ook weer mensen mee aan. Sommig gedrag is heel zichtbaar voor iedereen en kan daardoor snel beïnvloed worden: zoals hamsteren, naar buiten gaan of in de rij staan bij de bouwmarkt. Het onzichtbare gedrag veranderen, zoals lang genoeg handen wassen, is veel lastiger.’’

Kunnen we wel solidair zijn?

,,Ja, maar ik maak me zorgen hoelang iedereen dat volhoudt. Het lastige is dat er straks ook steeds meer mensen zijn die het virus hebben gehad en genezen zijn. Misschien gaan zij weer naar buiten. Waardoor anderen kunnen denken: zie je, het valt wel mee. Vooral van jonge mensen wordt er nogal veel gevraagd nu, terwijl het virus voor hen ver weg voelt. Geen feestjes, niet sporten, je vrienden niet zien. En als we dan eenmaal weer veel mensen buiten zien , zijn we zelf ook geneigd dat te doen. Ik hoop dat we het volhouden. Daarnaast maak ik me zorgen om onze mentale gezondheid. Wat doet zo’n lange periode van thuiszitten en negativiteit met ons?’’

Klinkt aan de andere kant wel als een interessante tijd voor gedragspsychologen.

,,Zeker, we gebruiken deze periode om veel onderzoek te doen.’’

Hoe komt u zelf deze periode door?

,,Persoonlijk denk ik dat het constant thuiszitten heftig is voor veel mensen. Voor mij ook. Ik heb drie kinderen, dat is best chaotisch. Ik denk dat structuur en orde daarom belangrijk zijn. Uit onderzoek is gebleken dat zelfs in de moeilijkste tijd men hier behoefte aan heeft. Deel je dag in. Laat bijvoorbeeld je partner een dagdeel met de kinderen bezig zijn en jij een dagdeel. Ik ga, uiteraard als er niemand op straat is, elke dag een uur wandelen. Daarnaast merk ik dat ik zelf hoop put uit de kleinste positieve berichten die over het virus gaan. Ik denk dat dat voor meer mensen geldt. Maar het blijft een lastige periode, voor iedereen.’’

Meer nieuws uit Amsterdam

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.