Toen er op 18 mei nog wél gesport werd: met vijf keer ippon is Mark Huizinga de grote baas van het EK

Toen er op 18 mei nog wél gesport werd: met vijf keer ippon is Mark Huizinga de grote baas van het EK
De winst is zeker: Mark Huizinga is voor het eerst Europees kampioen en schreeuwt het uit.
© ANP

In deze rubriek gaan we terug naar de tijd waarin er nog gewoon overal gesport werd. Dezelfde datum als vandaag, maar dan mét sport. Vandaag: 18 mei 1996, judoka Mark Huizinga wordt voor de eerste keer Europees kampioen.

Verdedigend judoën? Nee, dat is niks voor Mark Huizinga. ‘Altijd op zoek naar de ippon’ is zijn motto. Dat laat hij ook overduidelijk zien op het EK van 1996. Op zijn 22e wordt hij voor het eerst Europees kampioen en hij doet dat in stijl: alle vijf partijen wint hij met ippon, ook de finale tegen Oleg Maltsev uit Rusland.

Vijf keer ippon, dat lukt hem daarna niet meer op een EK en ook niet bij zijn olympische titel in 2000, maar veel scheelt het niet. ,,Toen ik goud won op de Spelen, won ik vier partijen met ippon. Op andere toernooien is het weleens vaker gebeurd dat ik alles met ippon won. Dat was nou eenmaal mijn stijl, mijn manier van judoën. Ik was altijd op zoek naar een opening om echt groot toe te slaan, vooral in die eerste jaren, toen ik de wereld aan het bestormen was en er vól inging. Daarmee heb ik sterkere tegenstanders ook wel verrast’’, zegt Huizinga nu, bijna 25 jaar na die eerste Europese titel.

(tekst gaat verder na de foto)

Toen er op 18 mei nog wél gesport werd: met vijf keer ippon is Mark Huizinga de grote baas van het EK
De finale van het EK in 1996: Mark Huizinga in gevecht met de Rus Maltsev in de categorie -86 kg.
© Foto ANP

Hij wil niet zeggen dat zijn manier ‘zaligmakend’ is. ,,Maar ik vind het wel horen bij de sport judo, dat je streeft naar de ippon. Dat is een soort esthetisch ideaal. Zo zou het toch eigenlijk moeten zijn. Niet voor niets was het systeem altijd dat één ippon meer waard was dan alle andere scores bij elkaar.’’

Aflevering van gisteren: Droom van Dennis Bergkamp spat uiteen

Met vijf gouden medailles is het EK in mei 1996 een ongekend succes voor Nederland. Vier vrouwen worden kampioen: Angelique Seriese, Jessica Gal, Claudia Zwiers en Monique van der Lee. De enige kampioen bij de mannen is Huizinga. Hij is de rijzende ster van het Nederlandse judo. Op de voorgaande twee EK’s, in 1994 en 1995, heeft hij meegedaan in de klasse -78 kilo, nu doet hij voor het eerst mee in de klasse tot 86 kilo.

,,Ik was dus nieuw in die gewichtsklasse en kon voluit judoën, omdat ik niet meer hoefde af te vallen. Mede daardoor ging het prima op dat EK. Ik kon goed scoren’’, blikt Huizinga terug. ,,Toen ik ouder werd ging ik soms wel wat tactischer judoën, ook omdat mijn tegenstanders me beter kenden. Maar aanvallen is altijd wel mijn stijl gebleven. Dat maakte het judo leuk voor mezelf – en ook voor het publiek. Het heeft me veel opgeleverd, al heeft het zich ook weleens tegen me gekeerd. De aanval kiezen brengt natuurlijk ook risico’s met zich mee.’’

(tekst gaat verder na de foto)

Toen er op 18 mei nog wél gesport werd: met vijf keer ippon is Mark Huizinga de grote baas van het EK
In 1998 pakt Huizinga zijn tweede EK-goud.
© Foto ANP

Na die eerste Europese titel wordt Huizinga nog vier keer Europees kampioen: in 1997, 1998, 2001 en 2008. Later in 2008 hoopt hij ook nog zijn volgende doel te halen: op vier opeenvolgende Spelen een medaille pakken. Dat lukt niet. Na brons in 1996, goud in 2000 en brons in 2004 wordt hij in 2008 in de tweede ronde uitgeschakeld.

(tekst gaat verder na de foto)

Toen er op 18 mei nog wél gesport werd: met vijf keer ippon is Mark Huizinga de grote baas van het EK
Huizinga in actie op het EK van 2002.
© Foto ANP/Jasper Juinen

Enkele maanden na die Spelen in Peking beëindigt hij zijn carrière. Het is tijd voor andere dingen, tijd voor een leven zonder topsport. ,,Dat was in het eerste jaar heel erg zoeken. Je mist de structuur, een doel, een punt waar je naar toe werkt. Tot mijn 35e stond het presteren op één. Ik was gewend hard te trainen en dan te worden afgerekend op een toernooi. Ben je eenmaal gestopt, dan wil je heel goed worden in andere dingen, maar je wordt nooit meer de beste, zoals in judo. Dus is in het begin alles minder bevredigend dan wat je deed. Na verloop van tijd merk je dat het erom gaat dat je rust vindt in dingen die je leuk vindt en die bij je passen. Ik ben nu onder meer directeur van de Survivalrun Bond en ik geef trainerscursussen voor de internationale judofederatie. Helaas is dat nu volledig stilgevallen door de coronacrisis.’’

En die titel van 1996? „Dat is qua beleving, na mijn olympische titel, nog steeds de mooiste.”

Toen er op 18 mei nog wél gesport werd: met vijf keer ippon is Mark Huizinga de grote baas van het EK
Vreugde bij Huizinga nadat hij in 2008 zijn vijfde Europese titel heeft veroverd. Op zijn 34e versloeg hij in de finale -90 kg Elkhan Mammadov uit Azerbeidzjan.
© Foto ANP/Robert Vos

Meer nieuws uit Sport

Meest gelezen