Twee streepjes, maar ziek voel ik me niet | column

Maaike van der Plas

Aanvankelijk denk ik dat ik gewoon hardnekkige dorst heb, maar als de app op mijn telefoon me de volgende ochtend vertelt dat ik een slechte nachtrust heb genoten en dat mijn rusthartslag schrikbarend is gestegen, concludeer ik dat ik misschien toch iets voel wat anderen zouden bestempelen als ’keelpijn’.

Hoewel ik dokter ben, heb ik persoonlijk weinig ervaring met ziekte. De laatste keer dat ik ben thuisgebleven wegens een lichamelijk kwaal was op mijn veertiende en dat had eigenlijk meer te maken met dat ik die dag in het openbaar solo zou moeten zingen tijdens de muziekles op de middelbare school. Tijdens mijn studie geneeskunde, de coschappen en de vijf jaar die ik nu arts werk, ben ik nog nooit ziek geweest. Zelfs het coronavirus heeft tot nu toe geen vat op mij gekregen.

Ik staar nog een keer naar de gegevens op mijn app. Heb ik iets onder de leden, of lijd ik aan techniek geïnduceerde hypochondrie? Die avond heb ik een borrel en diner met collega’s gepland staan. Ik besluit een coronazelftest op te pikken bij de supermarkt. Als die negatief is, moet ik gewoon niet zeuren. Uit optimisme besluit ik geen avondeten te halen, gelovend dat mijn diner wel zal doorgaan. Ik haal ook geen eten voor zaterdag (dan eet ik in het ziekenhuis tijdens mijn twaalfuursdienst) en zondag (dan ben ik bij mijn ouders).

Tijdens de lunch werp ik een blik in de richting van mijn zelftest, die me negatief lijkt. Enigszins opgelucht pak ik de test even later op om hem weg te gooien. Mijn hand zweeft al boven de prullenbak als ik het streepje zie, licht, maar onmiskenbaar. Ik vergelijk voor de zekerheid mijn test met plaatjes van negatieve testen. Daar is toch echt geen tweede streepje te zien. Ik stuur een foto naar een collega. Het oordeel is ondubbelzinnig: „Gefeliciteerd! Je hebt eindelijk ook corona!”

Ik sta in de woonkamer alsof ik net een slechtnieuwsgesprek heb gekregen. Ben ik nu ziek? Maakt dat streepje mij ziek? Ik heb een beetje keelpijn, ben wat moe, maar echt ziek zou ik mezelf niet noemen. Dan stel ik me iets met koorts, braken en diarree voor. Daar is gelukkig geen sprake van. Vanochtend heb ik nog probleemloos zestig kilometer gefietst. Normaal gesproken zou ik gewoon gaan werken en waarschijnlijk zelfs borrelen. Nu blijf ik binnen en heb ik spijt van mijn gebrek aan boodschappen.

Ik vraag me af of ik me ook ziek moet gedragen. Wat doen zieken eigenlijk? In bed liggen, waarschijnlijk. Maar daar heb ik geen zin in. Ik verwissel mijn spijkerbroek voor een joggingbroek en mijn colbertje voor een trui. Op proef ga ik op de bank liggen. Aanvankelijk voelt het vreemd, zo midden op de dag, maar zodra ik de Giro d’Italia aanzet op televisie, is het zo slecht nog niet. Lekker rustig ook, zo’n lege agenda de komende dagen. Waarschijnlijk zou een zieke vanavond kippensoep eten, bedenk ik me. Of crackers. Of niets.

Ik besluit een pizza shoarma te bestellen. Met veel knoflooksaus. Voorlopig komt er toch niemand dichtbij genoeg om mijn adem te ruiken.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.