Tijd dat we ook bestelschaamte introduceren | column

Nhung Dam

We zouden naast de vliegschaamte eens collectief bestelschaamte moeten introduceren.

We doen steeds meer aankopen online, wel zo makkelijk. Dat we corona nodig hadden om daarachter te komen. Lekker thuis de kleding passen zonder gedoe in krappe pashokjes met onflatteuze belichting of bemoeienis van een lingeriewinkelmedewerker die ongevraagd je borst terug in de cup stopt. Online kun je in ieder geval voor de zekerheid drie maten extra bestellen, of meerdere paar schoenen, de rest kan immers gratis teruggestuurd worden. Maar gratis bestaat niet, de rekening moet ergens betaald worden.

In onze poging tot een duurzamer bestaan te komen, floppen we hier faliekant. Ja, we weten dat vlees eten, vliegen en autorijden slecht is voor het milieu. Maar de link tussen excessief online shoppen en vervuilende bezorgbusjes die de steden overspoelen, lijken we niet direct te maken.

In het kader van duurzaamheid zouden we naast vliegschaamte eens collectief bestelschaamte mogen introduceren. Een maximum aan pakketten dat je nog voor je buren wilt aannemen. Of dat de PostNL-medewerker bij buitensporige terugname van pakketjes de klant met een scheef oog mag aankijken. Een excuusbrief aan de bezorger als hij meer dan vijf keer per week bij je aanbelt voor losse hapsnap aankopen.

We maken ons hooguit druk als we er door de bestelbusopstoppingen niet langs kunnen. Ook mijn eenrichtingsstraat wordt dagelijks geblokkeerd door ronkende bezorgbusjes. Want ja, het duurt even voor alle pakketjes in de hele straat zijn afgeleverd. De toeterende auto’s die er achter vaststaan dragen niet per se bij aan een vriendelijk klimaat in de straat. Natuurlijk moeten we na een lange werkdag even diep ademhalen als het busje stopt bij nummer 105, en 106, en 107, en 108 tot en met nummer 135, maar de pakketbezorger kunnen we natuurlijk weinig kwalijk nemen. We moeten het hem maar vergeven dat hij door de immense werkdruk, met een betaling van zestig cent per bezorging, hem een opgestoken middelvinger of wat gevloek ontschiet.

De hoogoplopende spanningen kunnen we hooguit onszelf aanrekenen, doordat we zo’n onvermoeibare consumptiedrang hebben of doordat we onze eigen confectiemaat niet kennen. Maar vooral dat we ons gemak prioriteit geven boven onze rust en niet onbelangrijker, het milieu. Ik zou de bezorger wel eens willen vragen of de geruchten kloppen, dat hij wegens de werkdruk onderweg in petflessen moet plassen. Dan zou ik hem mijn toilet aanbieden, en een kopje koffie. ’Die mensen wachten maar even’, zou ik hem willen zeggen, ’en dan gaan we ondertussen die pakketten openmaken, om te kijken wie van mijn buren eens zou moeten beginnen met de excuusbrief.’

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.