Columnist Joris Brussel trekt een grens. ’De goedkope vriendin van het leven mag niet verdwijnen uit ons straatbeeld’

Frikandellen.© archieffoto ANP

Joris Brussel
IJmond

Je hoorde ons niet toen de inflatie doorzette. Toen de huizenprijzen, de hypotheekrente en de huren bleven stijgen terwijl de woningmarktkrapte toenam. Urenlange rijen bij Schiphol, NS-personeel dat blijft staken en torenhoge benzineprijzen, waardoor reizen in iedere vorm een uitdaging is. We bleven stil.

We accepteerden dat vakanties duurder werden, qua vliegtickets, terrasbezoek en wat al niet meer. Terwijl er aan Nederlandse snelwegen en zelfs bij mij in de straat Franse vlaggen hangen, als reminder dat de zomer en de goedkope vakanties voorbij zijn. We hebben een kabinet dat zich onder druk laat zetten door boeren knakworsten. De uitstoot van Tata Steel die altijd haar weg via mazen in de wet weet te vinden, terwijl mensen ziek worden van het lezen over de gevolgen qua ziekte en milieu. Maar geld regeert en negeert de gemiddelde burger die op haar beurt geld verliest.

Oorlog

De komst van de vluchtelingenboot in Velsen-Noord die de gemoederen bezighoudt. Lokale ondernemers verzetten zich in verband met veiligheidsrisico’s via een rechtszaak, maar de gemeente lijkt de ernst niet in te zien van de impact. We doen ons best er mee om te gaan. Oorlog in Oekraïne, die uiteindelijk zoals iedere oorlog om geld en belangen draait. Maar ook racisme met zich meebrengt. Energieprijzen die niet te houden zijn en mensen met lage inkomens diep in de portemonnee raken. We slikken het maar.

Arbeidstekorten tegenover te slecht betalende banen. Een nobele milieulobby die verwacht dat we gaan voor groen, duurzaam en vegetarisch terwijl grijs gas en goedkoop vlees al stervensduur zijn. We doen wat we kunnen. Maar gelukkig was er altijd troost. Altijd een bondgenoot die ons op sleeptouw nam. Een kameraad die er was toen we van Duitsland verloren in 1974 en toen je vriendje of vriendin het uitmaakte. Of tijdens die verschrikkelijke kater na een avond stappen.

Columnist Joris Brussel.© archieffoto ronald goedheer

Een goedkope vriendin van het volk. Van het leven. Het sociale smeermiddel in de oorspronkelijke Beverwijkse volksbuurt waar ik woon. De antropologische verbinder tussen Chinese snackbar en de wat-de-boer-niet-kent-lust-ie-niet-maar-ondefinieerbaar-restvlees-uit-de-ongefilterde-olie-wel-simpele Hollandse ziel.

Gefrituurd culinair erfgoed. Dé frikandel. Ze dreigt te verdwijnen uit het straatbeeld. En daar trek ik de grens. Het is genoeg. Frituurvakvereniging ProFri en onvolprezen vakmedium Frituurwereld krijgen signalen binnen over problemen rond de levering van frikandellen. Door softwareproblemen, te weinig arbeidskrachten en het grondstoffentekort, zullen frikandellen schaars worden en daarmee vele malen duurder.

Kapot

Straks moet je besluiten dat je kinderen mogen kiezen: of een beugel of rijbewijs of de wekelijkse frikandel met patat op zondag. De wereld is nu officieel kapot. Nooit meer zal ik een Taiwanese wereldreizigster tijdens een spontane ontmoeting na haar tripje naar Giethoorn diep in de nacht bij een Egyptische snackbar trakteren op een oer-Hollandse frikandel. Nu zou dat überhaupt niet zo snel meer gebeuren, maar het was de frikandel die het mogelijk maakte.

De frikandel die onze beschaving bij elkaar houdt. Waar zijn de vlaggendragers, de stakers, de klagers, de protesteerders, de samenzweerders, de demonstranten en de recalcitranten? Ik zou zeggen: één voor allen en allen voor de frikandel!

Paspoort

Joris Brussel (1987) is columnist, schrijver, (stads)dichter en communicatiestrateeg. Hij komt uit Velsen-Noord en woont in Beverwijk. Wekelijks geeft hij op deze plek zijn mening.

Meer nieuws uit IJmond

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.