’Wat heeft een mens toch een troep’ | column

Een verlaten casino uit de Franse koloniale tijd op een heuvel nabij Kampot, Cambodja.© Foto Oscar Spaans

Oscar Spaans

Voordat ik voor de krant begon te schrijven betaalde ik mijn rekeningen vijftien jaar lang met een baan als verhuizer. Maar deze carrièreswitch, waar ik overigens nog altijd mee in mijn nopjes ben, heeft niet kunnen voorkomen dat vrienden, familie en soms ook vage kennissen me nog altijd probleemloos weten te vinden wanneer er iets te versjouwen valt.

Afgelopen weekend was ik weer aan de beurt. Stapsgewijs ontmantelden we het appartement, meubel voor meubel, doos voor doos. Toen alles was ingeladen dronken we binnen voor de laatste keer koffie. Ik liet mijn blik door de lege kamer glijden en dacht aan alle huizen – het moeten er honderden zijn – die ik door de jaren heen heb leeggehaald. Vrijwel altijd was op een bepaald moment diezelfde verzuchting te horen: ,,Wat heeft een mens toch een troep.’’

Het is waar, van het minimalistische gedachtegoed is in veel Nederlandse huishoudens weinig te merken. Regelmatig belandde ik op een zolder vol dozen en kratten gevuld met fotoalbums of oude studieboeken. De laag stof erop deed vermoeden dat ze er al een tijdje stonden.

Bij nadere inspectie bleken de etiketten van de vorige verhuizing van jaren geleden er meestal nog op te zitten. De dozen waren uit het zicht neergezet en nadien nooit meer aangeraakt, maar ze moesten evengoed mee naar het nieuwe paleisje om aldaar nog meer stof te verzamelen.

De aanblik van een lege woning intrigeert me altijd weer. Het heeft iets vervreemdends, als een boek vol witte pagina’s. De kamers die het decor waren van mensenlevens, de ruimtes waar gelachen en gevochten en getreurd en bemind werd. Misschien is dat de reden dat ik het verhuizen vijftien jaar lang heb volgehouden. Maar nu die tijd voorbij is, kan ik zeggen dat ik toch liever over mensenlevens schrijf dan dat ik de plekken waar ze zich afspelen ontmantel.

Meer nieuws uit IJmond

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.